Vragen uit de praktijk
titel

 

   

Wat zijn de contra-indicaties?
Er zijn een aantal contra-indicaties. Allereerst moet het kind veilig zijn. Als een situatie van seksueel misbruik voortduurt, is dit een contra-indicatie voor de behandeling. Ook als er dreiging blijft bestaan – bijvoorbeeld in het geval van
eerwraak – kan dit een contra-indicatie zijn. Als een kind bijvoorbeeld in een Blijf van mijn Lijfhuis verblijft, is het weliswaar veilig, maar zullen de behandelresultaten beperkter zijn zo lang de dreiging van eerwraak blijft bestaan.

autoongeluk

Een andere contra-indicatie is grote onrust in de omgeving van het kind, bijvoorbeeld door psychiatrische problematiek van een ouder. Als een moeder alleen maar depressief op de bank ligt en het kind voor alle zorg moet opdraaien, helpt dat niet erg bij de verwerking; het kan zelfs beter zijn om dan juist een steunend contact te bieden voordat actief met verwerking wordt begonnen. Bij verwerking is het van belang dat het kind een steunend netwerk heeft. Ook kan het zijn dat er nog rechtszaken (bv. vechtscheiding, seksueel misbruik) spelen. Dan kan het beste een pauze worden ingelast tot duidelijk is wat de uitkomst is.
Kinderen dienen ook over een redelijk IQ te beschikken om te kunnen profiteren van schrijftherapie. Ze moeten zich, met hulp van de therapeut, kunnen uitdrukken en vooral hun gevoelens en gedachten onder woorden kunnen brengen. Een intelligentieniveau van 80 lijkt daarbij de ondergrens te zijn. Maar onder een IQ van 80 kan echter ook gekozen worden voor de WRITEjunior variant voor jonge kinderen.
Het kan ook zijn dat psychiatrische problematiek van het kind zelf te zeer op de voorgrond staat. Als er bijvoorbeeld sprake is van extreme ADHD-problematiek zal dit mogelijk eerst met medicatie onder controle gebracht moeten worden voordat het kind zich voldoende kan concentreren op het maken van een verhaal. En in het geval van een adolescent die kampt met ernstige trekken van een borderline persoonlijkheidsstoornis, zal ook gekeken moeten worden of dit niet te zeer interfereert met het schrijven van een verhaal. De jongere zou dan als reactie op het schrijven bijvoorbeeld sterk kunnen gaan automutileren.
Voor alle kinderen geldt dat ze enigszins, al dan niet met hulp van de therapeut, op zichzelf moeten kunnen reflecteren. Als ze hiertoe helemaal niet in staat zijn, vormt dat een contra-indicatie.
Tot slot is leeftijd een criterium. De schrijftherapie kan toegepast worden bij kinderen vanaf 4 jaar. Ze moeten in ieder geval motorisch zo ver zijn dat ze door middel van een tekening uitdrukking kunnen geven aan de feiten en hun gevoelens. Een bijdehante 3-jarige kan dat soms ook al, maar meestal is 4 jaar de grens.

Wat doe je als een kind na seksueel misbruik het moeilijk vindt te vertellen over het misbruik?
Allereerst is het belangrijk om daar alle begrip voor te tonen: “Het is ook heel lastig om te vertellen over die nare dingen die gebeurd zijn”.
Vervolgens nogmaals de rationale uitleggen: “Maar we hebben samen ook al bedacht dat het handig is om het op te schrijven zodat alles beter op een rijtje komt in je hoofd en je er niet meer zo naar van wordt. “
Stap drie is  steun te geven: “Ik heb al veel kinderen gesproken die zoiets naars hebben meegemaakt en ik heb gemerkt dat het vaak heel goed helpt als ik vragen stel over wat je  hebt meegemaakt , hoe je daarover voelt en wat je daar over denkt. Dan hoef je zelf minder te vertellen en help ik je met voorbeelden van wat je zou kunnen voelen of denken. Belangrijk is wel dat je mij , net als je  al eerder hebt gedaan, blijft verbeteren. Als ik iets zeg dat niet klopt vooral zeggen, want jij weet alles beter dan ik, jij was er bij en ik niet. Het is belangrijk dat het echt jouw verhaal wordt.  Is het oké als ik je op die manier verder help? “
Bij jongere kinderen typt de therapeut, maar adolescenten typen zelf. Het kan zijn dat een adolescent het prettiger vindt dat de therapeut die moeilijke stukken typt. Dus dat kan je dan gerust voorstellen:  “Of vind je het prettiger als ik dit stuk typ”.

Wat doe je als een kind een mishandelende vader geheel zwart maakt, zodat er geen ruimte is voor loyaliteit waardoor het gevaar ontstaat dat het kind een deel van zichzelf ontkent?
Het blijft de vader van het kind ook al heeft hij het kind mishandeld. Maar stel dat het kind echt niets leuks over hem kan vertellen en er verder ook geen contact tussen vader en kind is en voorlopig ook niet zal komen, dan kan een handige manier zijn om vader de rol van de verwekker toe te dienen: “Wat jouw vader heeft gedaan mag niet,daar hebben we al over geschreven, je zegt daarom ook dat je niks met hem te maken wil hebben en hem een “ lul “  vindt. Ik kan nog wel één handig ding bedenken aan jouw vader, zal ik het even vertellen? Ik vind het handig dat hij jouw moeder het zaadje heeft gegeven waardoor jij geboren werd. Ik vind jou een hele leuke, slimme  meid en je moeder is ook superblij met jou. Dus het is heel fijn dat jij er gekomen. Dat zaadje is dus heel handig geweest.”

Wat doe je als tijdens het schrijfproces enerverende of andere traumatische gebeurtenissen plaatsvinden?
Dan is het altijd goed om daar eerst stil bij te staan. Het schrijfproces kan dan even stil gezet worden. Het is belangrijk om dan eerst een gesprek te hebben over die gebeurtenissen, zo nodig ook met  de ouder(s) er bij. Mogelijk moeten er ook nieuwe afspraken bv. over veiligheid gemaakt worden. Het is vaak handig zijn om over deze enerverende gebeurtenis een stukje te schrijven op dat moment. Dit stukje geef je dan een plek  in het verhaal. De volgende zitting kan je dan waarschijnlijk weer verder met het schrijfproces. Het kan ook zijn dat je een langere pauze in het schrijven moet inlassen en alleen steunende gesprekken moet  hebben gericht op het hier en nu.

Wat doe je als het puber het verhaal niet wil laten lezen aan ouders terwijl je als therapeut dit wel noodzakelijk vindt?
Allereerst is het belangrijk te bekijken samen met de puber waar dit vandaan komt. Als hij bijvoorbeeld denkt dat zijn ouders er slordig mee om zullen gaan, kan je voorstellen om het verhaal in de spreekkamer te lezen. Als zijn angst bijvoorbeeld is om bepaalde details te laten lezen kan je voorstellen samen met hem een samenvatting te maken. Het kan ook zijn dat er andere obstakels eerst uit de weg gehaald moeten worden, maar dat zal dan duidelijk moeten worden in een verder gesprek met de puber. Dwing hem echter niet, als puber mag hij zelf bepalen of hij wel of niet het verhaal leest.

 

 

Waar kan ik een WRITEjunior training krijgen?
Er wordt een 2-daagse training gegeven bij UvA minds You
15 januari en 12 februari 2018 (vol)
5 maart en 3 april 2018
Locatie: Amsterdam
Informatie via de website: www.uvamindsyou.nl
of telefonisch: 020-525 1448

Er wordt een 2-daagse trainingen gegeven bij Psy-zo
18 september en 8 oktober 2018
Locatie: Groningen
Informatie via de website: www.psy-zo.nl
of telefonisch: 050-7502088

Ook zijn incompany trainingen mogelijk.
Voor de aanvraag van supervisie: stuur een mail

WRITEjunior is sinds 2013 erkend door het NJI

Evaluatie van een PAO cursus:
Hoe beoordeelt u de cursus?
Ik geef de trainer een rapportcijfer: 9,2
Ik geef de training een rapportcijfer: 9,2

Evaluatie incompany training bij GGZ Rivierduinen:
Hoe waardeert u de kennisoverdracht van de docent?
Uitstekend: 100% van de deelnemers

Cursisten
'Een echte aanrader. Lees het boek, kom dan echt naar de cursus en leer dat het schrijven met cliënten een kundige kunst is.'
Anneke Eenhoorn - Klinisch psycholoog, psychotherapeut

'De cursus/training is echt een must & meerwaarde op het boek.Je krijgt zoveel taal & kennis erbij zodat je echt aan de slag kan en een goed verhaal kan maken.'
Merijn Ory - GZ-psycholoog

'Het volgen van de Writejr opleiding is niet alleen ontzettend leerzaam, maar ook noodzakelijk voor het uitvoeren van het protocol. Zo voorkom je dat je kansen op versterken en realiseren en cognitief herstructuren voor je cliënt mist. Zonde!
Het lijkt makkelijk, maar het is nog een hele kunst dit goed en volledig te doen.
'
Lisanne Hogewind - GZ-psycholoog

'Fijn als kinderen met hele nare geschiedenissen een verhaal krijgen/maken waar ze in kunnen wonen.'
Jacqueline Rodenburg - systeemtherapeut